IVA Driebergen leidt op voor de mobiliteitsbranche. Meerdere locaties: klaslokalen, een kantine, een docentenkamer en een paar technische ruimtes. Een gebouw dat doordeweeks vol zit en daarbuiten leegstaat — en dat tot voor kort geen verschil maakte tussen die twee.
De situatie
Klaslokalen, een kantine, een docentenkamer en meerdere technische ruimtes. De warmte komt van ketels, aangevuld met losse heaters en airconditioning. Doordeweeks is het er prima toeven: warm tijdens de les, koel waar nodig.
Verwarming en ventilatie draaiden elk op hun eigen logica, los van elkaar. Niemand ervoer een probleem. Het gebouw deed het gewoon. En de energierekening was wat hij was — een vast gegeven, geen vraag.
Het onzichtbare probleem
- De ketels verwarmden het water naar een vaste, ruime temperatuur, ongeacht het weer. Op een zachte dag werd er harder gestookt dan nodig.
- Het gebouw hield zichzelf comfortabel op momenten dat er niemand was: ’s avonds, in het weekend, tijdens vakanties. Een school staat vaker leeg dan vol.
- Lokalen werden als één geheel verwarmd, terwijl de ene vleugel te warm kon zijn en de andere te koud. En niemand keek mee: geen data, geen overzicht.
